Big Hair

Wat voor blootfoto’s in z’n geheel niet opgaat, pakt wel voor mij wel zo uit voor snapshots van vrouwen met big hair, ofwel beehives, ofwel in het Nederlands: suikerspinnen. Ik koester jeugdherinneringen aan het fenomeen en was er indertijd, in de vroege jaren zeventig, al zwaar van onder de indruk. Zeker als de verschijning van de dame in kwestie werd gecompleteerd door een rocket-bra en aanverwante spannende kledingstukken (hakken, rokken, laag uitgesneden jurkjes).

Mijn best bewaarde herinnering is die aan de keren dat we als 16-jarigen mochten biljarten in café De Koens in Eindhoven, een kroeg die werd bestierd door de ouders van een vriendje. Elke zaterdagmiddag dat we daar als jongens een keutje legden, viel samen met de afloop van de weekmarkt. De marktvrouwen en hun mannen stroomden dan De Koens binnen om het met elkaar op een drinken te gaan zetten.

Wanneer de sfeer er na een aantal biertjes, jenevers en likeurtjes flink in zat, veranderde het café in een danszaal. Met hoog opgetrokken jurken voerden de marktvrouwen dan gezamenlijk een soort cancan op, waardoor je doorlopend een blik werd vergund op hun prachtige benen. De mooiste van het stel, zo weet ik nog, gaf er bovendien haar lichtblauwe, kanten jarretelles mee bloot. Van biljarten kwam dan vervolgens natuurlijk weinig of niets meer; ik kon mijn ogen niet van die dertig jaar oudere schoonheid af houden.

De kapster van mijn moeder deed, zowel in haardracht als in sexy uitstraling, overigens niet voor die marktvrouwen onder. Ze kapte meerdere mensen tegelijk aan huis, en als je door de spiegel toekeek terwijl ze knipte of rollers inzette, kon je je ogen niet afhouden van haar diepe decolleté. Els heette ze, als mijn geheugen me niet bedriegt. Ik weet nog dat ze ooit in mijn bijzijn een bejaarde kennis van mijn moeder knipte, die Els bij die gelegenheid, en ongetwijfeld aangemoedigd door dat decolleté, even over haar borsten streek. De aanwezige dames spraken er nadien uiteraard schande van, maar ik meen dat ik hem ook toen al best een heel klein beetje begreep.

Ik dacht dat het hebben van big hair een heel wijdverbreide haarmode was, een halve eeuw geleden, maar in het aanbod van found photography wijst niets daarop. Ik kom de dia’s, foto’s en negatieven van vrouwen met beehives maar heel sporadisch tegen. En, tja, een afbeelding van een ‘Els’ of een marktvrouw in lichtblauwe jarretels zit er helaas nooit tussen.

Agence Rol

Foto van een gezelschap Parijzenaars tijdens de hittegolf in juli 1933 in hun stad. Ongelofelijk mooi van compositie en door het schilderkunstige licht dat in al zijn verschillende gradaties op de kaartspelers valt. Het is een persfoto van een de hand van een van de anonieme fotografen van het Parijse agentschap Rol (1904-1938). Ik heb de afgelopen jaren meer foto’s van Rol aangekocht, zonder dat ik daar nou specifiek naar op zoek was. Ik werd al die keren simpelweg getroffen door de hoge kwaliteit foto’s die de Franse firma in binnen- en buitenland van alledaagse gebeurtenissen vastlegde.

De onderstaande foto van het circuspaard kan ik helaas niet tot mijn eigen bezit rekenen. Ik downloadde hem gratis uit het beeldarchief van de Franse Bibliotheque National om bovenstaand argument nog wat extra kracht bij te zetten.

Hempje

Heliogravure van een foto voor het merk Diana Slip uit de jaren 1920-1930, aangekocht van een Franse handelaar. Die moet ook in het ongewisse laten wie de maker van de opname is. Het kan Roger Schall zijn, of Jean Moral, of misschien ook wel Brassaï, of Germaine Krull. Wat ik ter zake vooralsnog van mijn zwerftochten op veilingsites opsteek, is dat met name de Schalls zich het gemakkelijkst laten onderscheiden door hun kadrering en close-ups van (lichaamsdelen van) modellen. Wat dit dus in elk geval een a-typische Schall zou maken.

Los hiervan: hoeveel moderner was het Diana Slip-portfolio in vergelijking met wat er in het decennium daarvoor op het gebied van erotische fotografie werd gemaakt. Zoals het werk van Schall c.s. voor het Parijse lingeriemerk ook wezenlijk verschilde van dat van tijdgenoten/collega’s. De steevast onherkenbaar afgebeelde modellen vestigen doorgaans enkel en alleen de aandacht op het ondergoed dat ze dragen, waar de seksuele component in de fotografie van de Biederers, de Richards en die van Wyndham veel nadrukkelijker is.

De styling en afwerking zijn ook typerend voor Diana Slip-foto’s. Doordat ze alle zo zwart zijn, zie je er meer niet dan wel op, terwijl ook het instant-karakter ervan haaks staat op de zorgvuldig geënsceneerde studio-opnamen van onder anderen de Biederers. Die estheten zouden, vermoed ik, ook nooit hebben toegestaan dat je op een foto als deze de contouren van het hempje van het model nog kunt herkennen. Apart is ook dat ze op een Perzisch kleedje staat. Ik dacht tot dusver dat hooguit amateurs hun blote geliefden voor de kou of voor de opsmuk op een matje lieten poseren.

Toilette

Terloopsheid is bepaald geen vaste component in erotische fotografie, en zeker niet in de strak geregisseerde foto’s van de Franse en Duitse studio’s in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Waar een amateurfotograaf zichzelf nog wel eens kan overtreffen met een goed gelukt, zinnenprikkelend snapshot van zijn geliefde in huis, tuin of keuken, koerst de professional in het genre in de regel op zekerheden.

In dat opzicht was de fotografie van de Années Folles heel stijlvast. Alles en iedereen op de set tot in de puntjes gestileerd en uitgelicht, en een enscenering die tot in de details appelleerde aan de smaak en fantasie van een specifieke categorie afnemers van erotische foto’s: voyeurs, liefhebbers van sm, van fetish-accessoires, van duurbetaalde dames in boudoirs, van jonge schoolmeisjes, van strenge femmes fatales, van matrones (denk: Nativa Richard) of van verleidelijke secretaresses en dienstmeiden.

Ze liggen doorgaans in jarretels en zijden lingerie op een (studio)bed of poseren met opgetrokken rokken in het gras of in de schoolbanken terwijl ze door een minnaar of minnares worden overweldigd. Maar foto’s in een meer huiselijke omgeving zijn naar mijn beste weten in dit repertoire witte raven. Nogal wonderlijk dus dat op deze foto het toilet een belangrijke rol is toebedeeld, en afgaand op de slecht onderhouden deur ervan nota bene ook nog een licht-vunzig plekje van een goedkoop appartement. Zo terloops als deze opname even wat alledaagse werkelijkheid binnenhaalt! Voor de kopers van deze foto trad dit verleidelijke model toch ineens een beetje hun eigen wereld binnen, zou je denken.

Onbekend wie de maker ervan is geweest. Ik gok op Albert Wyndham dan wel de gebroeders Biederer, alledrie fotografen die van tijd tot tijd ten minste iets van spontaniteit en ‘echtheid’ in hun fotografie wisten te suggereren.

Het Erik Kessels-interview

Erik in de door hem ingerichte klokkentoren van het Capital C-gebouw in Amsterdam

Mijn interview met post photography-kunstenaar Erik Kessels in NRC Handelsblad van 5 maart 2021. Verschenen ter gelegenheid van de verschijning van de 17e editie van zijn fotoboekenreeks In Almost Every Picture. Inspirerende ontmoeting! We hebben onze eigen boeken uitgewisseld en ik heb hem een oud Duits fotoalbum cadeau gedaan voor zijn collectie van 17.000 foto-albums (!) van anonieme amateurfotografen. Het exemplaar dat hij van mij kreeg, staat van de eerste tot en met de laatste bladzijde vol met snapshots van een (vermoedelijk Duitse) vrouw die daarop alleen in lak- en regenkleding poseert.

Heropening in de Verkadefabriek

Een serie uit mijn boek For Your Eyes Only en uit de gelijknamige tentoonstelling. De expositie verhuist dit voorjaar naar de Verkadefabriek in ‘s-Hertogenbosch, waar ze dit voorjaar heropent. Al het werk is eerder deze week vanuit de Kunsthal naar zijn nieuwe bestemming overgebracht. Curator Theo Audenaerd, oud-collega en -chef van de fotoredactie van de Volkskrant en Volkskrant Magazine, gaat FYEO daar opnieuw inrichten in een van de vele zalen van de voormalige koekjesfabriek. Het is werkelijk een prachtige locatie, dus mocht je de tentoonstelling in de Kunsthal hebben gemist, kom dan vooral in ‘s-Hertogenbosch alsnog kijken. Ik meld wel op Facebook en Instagram vanaf welke datum dat kan.

Deze reeks heb ik in de categorie ‘Happy Endings’ ondergebracht omdat er duidelijk van twee kanten plezier aan de opnamen is beleefd, en het ook niet bij een eenmalige sessie is gebleven: de foto’s van de vrouw zijn zichtbaar over een langere periode van haar leven gemaakt. Op zich misschien niet heel bijzonder (als je maar zo’n vrouw hebt!), maar je vindt zo’n ‘heel oeuvre’ op veilingen maar heel af en toe. Ik schat dat ik zelf in totaal maar twee of drie series heb met zo’n ruime tijdsspanne. Zowel in het boek als in de tentoonstelling zie je die (ook) terug in de sectie ‘Gewoontedieren en Serial Shooters’.

Home entertainment

Vier fotootjes aangekocht van een Duitse handelaar, alle zo klein dat ze door een hobbyfotograaf en een dito model zullen zijn gemaakt. De enscenering en styling van het reeksje wijzen er eveneens op dat het hier om een amateursessie handelde. Ik had mevrouw tenminste naast het spiegeltje aan de wand laten poseren in plaats van ervoor. Best vreemd natuurlijk ook hoe die haarlok op de onderste opname over haar neus is gedrapeerd, maar juist vanwege zo’n detail krijgt een pin-up als deze iets aandoenlijks.

Storytelling met de Biederers (2)

Foto van Jacques en Charles Biederer, over wie ik onder andere hier al eens schreef. De Joodse broers runden in de jaren twintig en dertig een succesvolle fotostudio (Ostra) in Parijs alvorens ze beiden door de Nazi’s in een Duits vernietigingskamp werden vergast. Er zijn nog relatief veel foto’s, stereo-opnamen en Real Photo Postcards (RPPC’s) van het duo op veilingsites verkrijgbaar (herkenbaar aan het al dan niet omgekeerde vraagteken in hun beeldmerk), maar ik beschouw de aanschaf van dit exemplaar als een buitenkansje.

Net als hun collega’s van de Grundworth-studio, die van Yva Richard, Diana Slip en de waarschijnlijk in zijn eentje opererende fotograaf Wyndham grossierden de Biederers in foto’s van pikante lingerie, lesbische onderonsjes, sadomasochisme en fetish-accessoires. Soms ook onderscheidden de twee zich ook van de concurrentie door een wat afwijkende man/vrouw-interactie in hun fotografie.

Anders dan op de set van de explicietere Grundworth-fotografen werd de door welllust bevangen minnaar in het werk van de Biederers namelijk nog wel eens fysiek op afstand gehouden, zoals op deze foto. Aldus werd voor de koper ervan kennelijk de ruimte geschapen om er zijn eigen verhaal bij te bedenken; een indirectere manier om iemand met een erotisch tafereel te prikkelen.

Vanitas-harnas

Mogelijk zit ik er volledig naast, maar ik meen tussen de poten van het krukje vagelijk een of meer mensenschedels te zien. In dat geval heeft de vakman achter deze professionele opname (of degene die er dit prachtige corset mee aanprees) een fotografisch equivalent van een vanitas-stilleven gemaakt.

Ik citeer voor het gemak even van schilderijen-site.nl: ‘Vanitas is de geschilderde voorstelling die de vergankelijkheid, nietigheid en ijdelheid van het aardse leven verbeeldt. De vanitas-symboliek komt veel voor in de Nederlandse zeventiende-eeuwse kunst. Maar ook later, vooral in de negentiende eeuw, was de vanitasschildering, vaak gelijkgesteld met de geschilderde schedel, een gekozen onderwerp.

‘Veel voorkomende symbolen waren: schedel, gedoofde kaars, zandloper, zeepbel, een worm, de schaduw en gebroken voorwerpen: zij vermanen ons dat we allen eens zullen sterven en dat aan alles een eind komt. Naast deze symbolen die ons overduidelijk maken dat alles slechts tijdelijk is, kennen we ook de  ‘verleiders’: sieraden, naakte figuren, mooie harnassen (die roem beloven), en muziekinstrumenten’. 

Uitlaatklep

Over mijn bezoek aan collega-verzamelaar Bert Sliggers en diens collectie een volgende keer uitgebreider, maar voor dit verhaal nu eerst wat bijzonders daaruit gelicht. Daar gaan we:

Bert zag in 2013 op eBay een serietje tekeningen aangeboden waarvoor bij andere bezoekers van die site klaarblijkelijk geen belangstelling bestond; ze bleven onverkocht. In tweede instantie wilde Bert toch meer over het veilinglot weten, zodat hij alsnog contact zocht met de verkoper ervan.

Die liet hem per omgaande weten dat de op eBay aangeboden tekeningen maar een fractie vormden van een kolossaal levenswerk. De Amerikaanse maker ervan had, met potlood en papier, een oeuvre nagelaten van meer dan 4000 variaties op hetzelfde thema. Dat van onderhorige vrouwen, op alle mogelijke manieren gekneveld met behulp van fetish-accessoires.

Bert raakte zo gefascineerd door deze verzameling dat hij alle tekeningen voor ‘een paar honderd dollar’ ineens kocht. Nadat hij ze per post ook in Haarlem had ontvangen, wilde hij er vervolgens ook alles over weten. Op basis van de informatie van de verkoper en veel speurwerk in online-archieven kwam hij al snel het een en ander te weten:

De maker* was een ingenieur (1918-2011) die voor de Amerikaanse marine werkte. Zijn woning in Croton on Hudson NY werd in 2012 geruimd en de huisraad verkocht, waaronder honderden klokken, camera’s, technische apparatuur en scheikundige instrumenten. De boedel van een man die tegelijk uitvinder, knutselaar, verzamelaar en uiteindelijk ook hoarder was.

In zijn kelder trof men behalve duizenden nonfictie-boeken ook honderden naaktfoto’s, evenzovele knipsels uit bondagetijdschriften en uit andere pin-up magazines en seksblaadjes uit de jaren vijftig aan. Al zijn eigen bondage-tekeningen waren in deze ruimte verstopt, en wel achter een radiator. Zijn familie heeft nooit van zijn seksuele voorkeuren noch van de verzameling geweten.

Bert gaf in 2018 in eigen beheer het boekje A drawing a Day uit met een kleine selectie van de tekeningen. Daarin plaatst hij het werk ‘in een lange traditie van outsider art-kunstenaar die seksualiteit en erotiek als thema kozen’, onder wie Josef Schneller, Oskar Deltemeyer, Kar Vondal en Miroslav Tichy. Citaten uit deze mooie, kleine uitgave:

‘Het was waarschijnlijk de twaalfjarige productie van een keurige man die als uitlaatklep iets met zijn BDSM-gevoelens op papier moest doen. Vermoedelijk maakte hij een tekening per dag. Na het eten daalde hij af naar het souterrain – “nog even wat opzoeken”, riep hij naar boven – en met de grootste concentratie begon zijn potlood aan de vormgeving van zijn fantasie.’

‘Al met al, qua onderwerp en omvang, zijn er geen vergelijkbare collecties bekend. Musée d’Orsay in Parijs bewaart sinds kort het fotoalbum van de Parijse schilder en later notabele ingezetene van Charente, Charles François Jeandel, met een honderdtal bondagfoto’s uit de periode 1890-1900.

‘Dit unieke document laat zien dat er al vrij vroeg voor privégebruik en -genoegen dergelijke collecties werden aangelegd. De meeste van dit soort verzamelingen zullen geruimd zijn. Daarom is de collectie van deze ingenieur zo bijzonder. Zij geeft inkijk in de zielenroerselen van een gewone man die met zijn seksuele fantasieën een oeuvre schiep […].’

Er staat een tentoonstelling van de tekeningen op stapel in het Gents Universiteits Museum (GUM), zodra in België de coronamaatregelen zijn opgeheven.

*) De naam van de Amerikaanse ingenieur is bij Bert Sliggers bekend, maar vanwege het controversiële onderwerp is hem door juristen aangeraden voorzichtig te zijn met prijsgeven daarvan.

A drawing a Day is voor 12,50 euro verkrijgbaar in de webshop van de Haarlemse drukkerij Hof van Jan.

Serial Shooter (1)

Ik deed een zeldzame vondst op een Duitse online-veiling: 100 foto’s van een amateurfotograaf met een bijzondere voorliefde voor dames in wat in Duitsland Reizwäsche wordt genoemd. Hij fotografeerde drie verschillende vrouwen in diverse combinaties van lingerie en corsetterie. Ze werden alle afgebeeld tegen met hetzelfde behang, met uitzondering van een enkel reeksje waarbij een opgespannen laken als achtergrond fungeerde.

Ik laat al die foto’s hier zien om de getalsmatige impact ervan goed op je te laten inwerken. Of de betreffende modellen (zijn successievelijke partners?) blij waren met ’s mans fixatie op damesondergoed, valt sterk te betwijfelen. Er wordt tenminste op niet één foto gelachen, laat staan zwoel gekeken. Hoe dan ook: ze hebben er alledrie flink wat verkleedpartijen voor over gehad om hem in zijn lustgevoelens tegemoet te komen.

Meer van dezelfde fotograaf vind je hier.

Dat ene glimpje!

Volgende week breng ik een bezoek aan de grote verzamelaar Bert Sliggers, oud-conservator van het Teylers Museum in Haarlem, wetenschapshistoricus en respectievelijk co-auteur van Onder de toonbank | Pornografie en erotica in de Nederlanden en schrijver van het onlangs verschenen De zedeloze jaren dertig.

Bert bouwde gedurende tientallen jaren onder andere een beroemde collectie oude foto’s (en tijdschriften) in het genre van de erotische fotografie op, waarvan hij inmiddels een groot deel heeft overgedragen aan de Koninklijke Bibliotheek. Aangezien hij het verzamelen niet kan laten, blijft hij regelmatig op veilingen kopen: behalve werk van moderne Nederlandse fotografen als Erwin Olaf nog steeds ook prints van de Ostra-studio van de gebroeders Biederer, de Grundworth-studio en die van Yva Richard, alle actief en gezichtsbepalend in het Parijs van de jaren twintig en dertig.

We delen dus dezelfde interesses, zij het dat Bert ondertussen bijvoorbeeld al enige honderden Grundworths bijeenbracht, waar ik al blij ben met een handjevol afdrukjes van voornoemde studio’s. Maakt Bert niet uit: uit het telefoongesprek dat we eerder deze maand met elkaar hadden, wordt wel duidelijk dat we met gemak een hele middag over onze fascinaties kunnen praten.

Ik hoop dat ik bij die gelegenheid onder andere te weten kom aan welke studio/fotograaf hij deze foto toeschrijft. Het zou een Grundworth kunnen zijn, hoewel de anonieme fotografen die voor die firma werkten veel meer op (ronde) damesachterwerken waren gefixeerd. Dat het een Biederer is, valt evenmin uit te sluiten, ofschoon die op hun set veelal op de lesbische en sadomasochistische toer waren. Het zou eventueel ook om een Yva Richard kunnen handelen, maar feit is dat dat modehuis zijn modellen doorgaans herkenbaar en ten voeten uit lieten poseren.

Niet ondenkbaar verder is dat het een print van Wyndham betreft, een fotograaf (of studio) over wie ik nog weinig of niets weet, maar die (als Engelsman?) wel in hetzelfde ‘Entre deux guerres’-tijdperk in Parijs opereerde. Er is vanuit Frankrijk een tweede aankoop naar me onderweg, waarvan ik vermoed dat het een Wyndham zou kunnen zijn. Ze zijn op het gebied van seks en fetisjisme beide aanmerkelijk onschuldiger (dat ene glimpje!) in wat ze toenmalige kopers van dit soort foto’s te bieden hadden. En ze hoeven het daarbij ook veel minder van hun enscenering te hebben dan die van de Biederers, Grundworth en Jules en Nativa Richard.

Enfin, ik kom erop terug zodra die tweede ‘Wyndham’ met de post is gearriveerd, als ik er Bert over heb gesproken, en op andere wijze wat meer te weten ben gekomen over hun mogelijke herkomst.

Over verzamelen

Ik schreef een artikel voor het katern Leven van NRC Handelsblad over de kwestie wat er met een verzameling als de mijne kan/moet gebeuren wanneer ik over een aantal jaren, volgens plan, kleiner ga wonen. Hier goed leesbaar op de NRC-site zelf.

3x Roger Schall

Drie onlangs aangekochte foto’s die worden toegeschreven aan de Franse fotograaf Roger Schall (1904-1995). Hij maakte ze als publiciteitsmateriaal voor het Parijse lingeriemerk Diana Slip (ook wel geschreven als Diana-Slip), dat zijn hoogtijdagen beleefde in de jaren dertig van de vorige eeuw. Net als zijn illustere collega’s (Brassaï, Jean Moral en Germaine Krull) werkte Schall anoniem voor het luxe modehuis, dat was opgericht door een kleermaker die luisterde naar de naam Leon Vidal. Doorgewinterde verzamelaars in het genre van de erotische fotografie in de Années folles kunnen de verschillende stijlen van de genoemde vier fotografen evenwel moeiteloos van elkaar onderscheiden.

Als eerder vermeld ben ook ik me in die fotografie uit die periode gaan interesseren. Als het budget het toelaat, schaf ik van tijd tot tijd vintage prints en RPPC’s in dit specifieke genre aan. De kans om daarbij op originele Diana Slips van Brassaï en van Krull te stuiten, lijkt vrijwel uitgesloten. Maar die van Jean Moral en Schall worden af en toe nog wel op online veilingen aangeboden.

Met name die van Schall, zo weet ik ondertussen, zijn in de regel hartstikke duur. Ze gaan onder de virtuele hamer voor zo’n 600 tot 1000 dollar per stuk, dus ik houd het er maar op dat ik met het verwerven van bovenstaande drie foto’s veel geluk heb gehad. Ik tikte ze voor minder dan dertig euro per afdrukje op de kop bij een Franse handelaar die toch echt wist dat het hier Schalls betreft. Misschien dat ze zo goedkoop weg mochten omdat je er duidelijk aan af kunt zien dat ze al bijna honderd jaar door vele handen zijn gegaan. Een kreukje en een rafelrandje hier en daar moet ik dus op de koop toe nemen.

Vidal was met zijn pikante lingerie de grote concurrent van Jules en Nativa Richard, die onder de naam Yva Richard eenzelfde clientèle van liefhebbers van fetish-kleding en sexy damesondergoed bedienden. Volgens auteur en verzamelaar Alexandre Dupouy heeft Vidal die opponenten uiteindelijk ook te gronde gericht dankzij het veel omvangrijkere distributienetwerk waarover hij beschikte. Waar de Richards het van bestellingen per postorder en damesbezoek op afspraak in hun privésalon moesten hebben, bracht Vidal eigenhandig een hele reeks erotische tijdschriftjes op de markt om daarin zijn spullen aan de man te brengen.

Het weinige dat verder over Vidal en Diana Slip bekend is, staat opgetekend in de diverse boeken die Dupouy over fotografie in het Parijs van de jaren twintig en dertig schreef. Ik heb tenminste in mijn eigen bibliotheek en uit andere bronnen weinig of geen extra informatie erover kunnen vinden. In de in 2018 verschenen monografie Brassaï van Peter Galassie en Stuart Alexander komt diens bijverdienste voor Diana Slip bijvoorbeeld ook maar mondjesmaat aan de orde.

Het neemt niet weg dat ik, na de tentoonstelling en boek For Your Eyes Only, al heel, heel voorzichtig droom van een soortgelijk project waarin de fotografische meesters van de Années folles over het voetlicht komen. Twee Nederlandse Schall-, Grundworth- en Biederer-verzamelaars die ik recent leerde kennen, willen zo’n initiatief alvast wel ondersteunen en het – zo mogelijk – mee naar een internationaal niveau helpen tillen. Allicht moet dan zeker ook Alexandre Dupouy willen aanhaken. Als het coronavirus is bedwongen, hoop ik hem in Parijs een keer te kunnen ontmoeten.

Squaw op de salontafel

Middenformaat-negatief van een squaw in quality time. Uit de jaren zestig/zeventig, schat ik. Het is een van de weinige amateuropnamen in het genre blootfotografie ik die recent aan mijn verzameling heb toegevoegd.

Yva Richard

Foto uit de jaren 1920-1930 van de studio van Yva Richard, mogelijk met opnieuw Nativa Richard als model. Deze afdruk werd ooit door een eerdere eigenaar tamelijk scheef op karton geplakt, maar is daarom zeker niet minder indrukwekkend. Misschien dat je er daardoor zelfs nog wat langer naar blijft kijken (staren?). Ik laat hem ook gewoon scheef inlijsten.

Een Biederer, een Grundworth, een Diana Slip of toch ‘gewoon’ een amateurfoto?

Behalve de studio’s van Jules en Nativa Richard en die van de gebroeders Biederer waren er in het Parijs van de jaren twintig en dertig nog twee namen die eruit sprongen op het gebied van de erotische fotografie. Onder het gezamenlijke pseudoniem Grundworth opereerde op die markt een onbekend aantal heel goede fotografen, en dan had je in diezelfde periode ook Leon Vidal nog. Net als de Richards was hij zelf fabrikant van lingerie en fetisj-kleding onder de merknaam Diana Slip, en daarnaast ook uitgever van allerlei pikante tijdschriftjes.

Grundworth-foto’s worden nog betrekkelijk vaak aangeboden op veilingen. Ze lijken in technische zin sterk op die van de Ostra-studio (van de Biederers), maar onderscheiden zich inhoudelijk daarvan omdat ze menigmaal veel explicieter zijn.

Grossierden de Biederers in voyeuristische ensceneringen en het aanwakkeren van kinky fantasieën (sm, seks met jonge maagden, enz) zonder daarbij de geslachtsdelen van de modellen of de daad zelf in beeld te brengen, op de sets van het anonieme Grundworth-collectief bleef geen taboe overeind: penetraties in alle daartoe beschikbare lichaamsdelen, trio’s, plasseks, enfin noem een obsceniteit en hij werd voor hun camera’s open en bloot aan de kijker voorgeschoteld.

Een stereokaart uit de Ostra-studio of een van Grundworth? Fotografen uit beide stallen schuwden het voyeuristische element bepaald niet, maar volgens kenners was het anonieme Grundworth-collectief wel meer gefixeerd op ronde, dikke konten.

Een en ander neemt niet weg dat handelaren op veilingen dikwijls genoeg toch niet zeker blijken weten of ze nou een Grundworth- dan wel een Ostra-foto aanbieden. In al die gevallen houden ze het maar op een ‘Grundworth/Biederer’, en mag de geïnteresseerde verzamelaar het zelf uitzoeken. Het komt ook voor dat er helemaal niets over de (mogelijke) herkomst van een foto wordt vermeld, zoals in het geval van de foto van de vrouw met de waaier.

“Een Biederer, een Grundworth, een Diana Slip of toch ‘gewoon’ een amateurfoto?” verder lezen

The doctor knows

Dokter Mondo – Aflevering 1

In onze nieuwe reeks, 'Dokter Mondo', schrijven Ted van Lieshout en Romana Vrede voor al uw kwalen een kunstmedicijn voor. In de eerste aflevering heeft een anonieme mevrouw last van een curieuze gewoonte van haar man en adviseert Dokter Mondo een opname in de Kunsthal Rotterdam Animatie door Aisha Madu, doktersjas en receptenboekje door Bruin Parry en Jan Hoek, camera/montage Benjamin Kamps

Geplaatst door vpromondo op Donderdag 22 oktober 2020

Het VPRO-programma Mondo schrijft bij monde van de ‘artsen’ Ted van Lieshout en Romana Vrede kunst voor aan mensen met allerlei noden en kwalen. In aflevering 1: op doktersvoorschrift naar For Your Eyes Only in de Kunsthal!

Bal des Quat’z’Arts, 1930

Groepsportret na afloop van het Bal des Quat’z’Arts, dat van 1898 tot 1966 jaarlijks plaatsvond in de Ecole des Beaux Arts in Parijs. Kunstacademies in de Franse hoofdstad organiseerden soortgelijke verkleedfeesten al vanaf halverwege de negentiende eeuw, maar Quat’z’Arts gold daarvan als het meest tot de verbeelding sprekende.

Toegang was strikt voorbehouden aan eigen studenten, alumni en bekende kunstenaars, en dan nog alleen als ze aan de deur verschenen in een uitmonstering die paste bij de steeds wisselende thema’s van het bal, zoals ‘De barbaren’, ‘Oude civilisaties’, ‘Homerus’ Griekenland’, ‘Olympus’, ‘Carthago’ en ‘De Khmers’.

Bij de entree stond steevast The Black Guard die streng op de dresscode toezag. In het boek ‘City of Pleasure | Paris between the Wars’ van Alexander Dupouy is een aantal oude foto’s van de diverse bals opgenomen. Je kan er onder meer uit afleiden dat menige vrouwelijke student elk thema wel aangreep om topless op de dansvloer te kunnen verschijnen; ja, kom d’r nog maar eens om.

“Bal des Quat’z’Arts, 1930” verder lezen

De Vliegende Kleermaker

François Reichelt, omringd door vrienden en journalisten, luttele ogenblikken voordat hij zich naar de eerste etage van de Eiffeltoren zal begeven, om daar tot ieders ontzetting toch zélf vanaf te springen. Ik had het schokkerige filmpje dat ervan is geschoten al eens gezien in een aflevering van Geert Maks tv-reeks In Europa, en waar ik doorgaans meteen wegkijk bij dit soort beelden staat dit fragment van hooguit een paar seconden nog altijd op mijn netvlies gebrand.

Foto’s van de gebeurtenis zelf zijn er bij mijn weten niet; vermoedelijk konden de camera’s van toen de snelheid waarin die zich voltrok ook nog niet registreren, maar de ogenblikken ervoor en erna zijn wel degelijk in stills vastgelegd. Op Wikipedia zag ik er enkele waarop Reichelt al op de – boven op een tafel geplaatste – stoel is geklommen die hem op min of meer gelijke hoogte met de reling van de Eiffeltoren bracht. Op YouTube is, dan gefilmd vanaf dezelfde plek, aansluitend ook het moment te zien dat hij nog even lijkt te dralen en schutteren alvorens hij zijn sprong in de diepte waagt.

‘Waagt’ is hier, net als trouwens ‘dralen’ en ‘schutteren’, misschien als omschrijving verkeerd, want de laatste woorden van François Reichelt zijn ‘a bientôt!’ geweest, als om te onderstrepen dat hij geen enkele bedenking had over de afloop van zijn claim to fame.

Reichelt, een rond zijn twintigste van Oostenrijk naar Frankrijk geëmigreerde kleermaker, had daar ook wel enige reden toe. In zijn op de vijfde verdieping gelegen, Parijse atelier aan de Rue Gaillon had hij eerder al paspoppen in zelfgemaakte parachutes met wisselend succes naar de stoep laten zweven. Daarna waren ook de keren waarbij hij zelf aan een valscherm naar beneden stortte voor de ‘Vliegende Kleermaker’ klaarblijkelijk beloftevol gebleken.

“De Vliegende Kleermaker” verder lezen

Storytelling met de Biederers

In het Parijs van de jaren twintig en dertig opereerden vier fotostudio’s die in huidige kringen van verzamelaars als toonaangevend in de erotische fotografie van die periode worden beschouwd. In voorgaande stukjes schreef ik al over couturier Jules Richard en zijn partner Nativa (naar verluidt een van zijn naaisters). Onder de merknaam Yva Richard verkochten die twee , behalve badmode, vooral fetisj-lingerie waarin Nativa menigmaal zelf poseerde, terwijl Jules op diens beurt vaak de foto’s nam. Ze werden geplaatst in de postordercatalogi die het paar naar klanten stuurde, maar de opnamen (eerst relatief dure zilvergelatine drukken, later RPPC’s: Real Photo Post Cards) konden door liefhebbers ook los van een zending broekjes, corsetten, kousen en rijglaarsjes worden besteld.

Tegelijkertijd met de Richards waren in de Franse hoofdstad ook de Joodse gebroeders Biederer in hetzelfde fotografische genre actief. Afkomstig uit Moraska-Ostrava in Tsjechië verhuisden Jacques en Charles Biederer begin twintigste eeuw op jonge leeftijd naar Parijs, waar ze zich met hun firma Ostra (afgeleid van hun geboorteplaats) specialiseerden in glamour-shoots van enorme vrouwelijke bilpartijen, van sm-uitspattinkjes en anderszins pikante proeven van storytelling. Zo trok het duo er ook ’s nachts op uit om het fotografische stripverhaal van heksensabbats in het Bois de Boulogne met de camera te kunnen vastleggen.

Om uit handen te blijven van de censor signeerden de Biederers hun werk nooit. Pas in 2007 ontdekte verzamelaar en uitgever Alexandre Dupouy dat een omgekeerd driehoekje met daarin een vraagteken het logootje van hun studio was. In slechts tien gevallen vond hij (in het nationaal foto-archief in Parijs) foto’s waar op de achterzijde ‘Biederer – Paris’ stond vermeld. Maar ook als die twee verwijzingen op foto’s ontbreken, herkent Dupouy de smaken en stijlen van Jacques en Charles toch wel, zo schrijft hij City of Pleasure | Paris between the Wars (Korero Press, 2019). De enscenering, het decor, het licht, de accessoires, de kadrering, de keuze van de modellen, en het papier dat voor de afdruk werd gebruikt: in alles ziet hij de hand terug van de Biederers.

De foto hierboven maakt ook deel uit van dat oeuvre en is er zeer waarschijnlijk een uit een reeksje van twee of meer. Ik zag tenminste een ander exemplaar in het aanbod van een handelaar waarin dezelfde leerlinge in hetzelfde klaslokaal een pak slaag krijgt van haar boze juffrouw. Als pseudo-huiskamergeleerde dacht ik ten behoeve van dit stukje ook nog even haarfijn te kunnen beschrijven waaraan die afstraffing was verdiend, maar dat maakt het krijtbord toch niet helemaal duidelijk.

“Storytelling met de Biederers” verder lezen

Lady Cadogan

De Franse handelaar die deze foto op de veiling aanbood, vermeldde er alleen bij dat het hier een portret van ‘Lady Cadogan’ betreft. Was het niet om de afbeelding zelf dat ik deze foto meteen wilde kopen, dan toch om het bijzondere verhaal dat er wel eens aan zou kunnen zijn verklonken. Ik werd daarin niet teleurgesteld, al valt zeker niet te ontkennen dat een geschiedschrijver die de weg weet in de archieven, en iemand met tijd bovendien, er veel meer uit moet kunnen halen.

Was deze Lady Mary al bij leven en welzijn verstoten door de adellijke, Britse Cadogan-familie waar ze was ingetrouwd? En, zo ja, kwam dat door de pythons en het ringstaartaapje die ze er in haar landhuis in Culford Gardens in Chelsea op nahield? Of had dat eerder te maken met een eveneens inwonende, 28 jaar jongere vriend met wie ze een verhouding zou hebben gehad?

“Lady Cadogan” verder lezen

De mosharige, Circassiaanse beauty Miss This

Nooit gedacht dat het op deze manier nog eens allemaal bij elkaar zou komen. In het oog springende, oude blootportretten van vrouwelijke amateurmodellen interesseren me nu al een jaar of zeven, maar vanaf zekere dag ben ik daar stukje bij beetje ook wat snapshots uit de jaren zestig en zeventig van (geklede) dames met big hair en andere foto’s van markante vrouwen aan toe gaan voegen.

Big Hair. San Juan, dia jaren zeventig (foto uit eigen collectie)

In de tussentijd wakkerde dan ook mijn belangstelling nog aan voor Franse professionele fotografen in met name het interbellum, terwijl ik me deze week ineens ook realiseerde dat ik er onder die vrouwenportretten nu al drie heb van snake charmers, waaronder deze bovenstaande van een Franse fotograaf.

Nu dan een stukje serendipiteit om het specifieke verhaal bij dit portret van ‘Miss This” te kunnen vertellen. Ik ontdekte nog maar onlangs dat ik in de verzamel-‘categorie’ Parijse fotografen van de jaren twintig en dertig toch ook zeker niet om Henri Roger-Viollet (1869-1946) heen kon.

Hij bouwde als fotograaf een indrukwekkend archief op van alle meer of minder historische gebeurtenissen waar hij bij aanwezig was, maar zijn naam leeft ook zeker voort dankzij de door zijn dochter Hélène en haar man Jean-Victor Fischer in 1938 opgerichte Documentation Photographique Général Roger-Viollet op nummer 6, Rue de Seine in Parijs. Het foto-agentschap bestaat nog altijd, het is het oudste van het land en het verkoopt (alleen) de publicatierechten van zo’n zes miljoen foto’s en andere beelddocumenten.

Dit portret van ‘Miss This’, zoals op de achterzijde is genoteerd, kon ik desondanks gewoon als een zilvergelatine print op een veiling kopen. Die achterzijde draagt zowel het stempel van de agence als van Henri zelf, waardoor het niet helemaal duidelijk is of deze nou ook echt de maker was van het portret. Uitgaande van het feit dat de eerste zilvergelatine drukken al in 1880 uit de donkere kamers kwamen, is het in elk geval goed mogelijk.

Enfin, ik dus blij dat ik ten minste één foto van Roger-Viollet in mijn bezit had. Was het aansluitend hooguit nog even online zoeken naar wie nou precies Miss This was. Een danseres uit het Parijse nachtleven allicht, of dan toch een actrice. Maar hoe ik ook googelde, althans digitaal is er niets over iemand onder die (bij)naam bekend.

“De mosharige, Circassiaanse beauty Miss This” verder lezen

Vendeur de ballons

Ondertussen moet vooral niet de indruk ontstaan dat het hier onder een wat andere vlag toch alleen maar over bloot blijft gaan. De erotische fotografie van Yva Richard en aanverwante Parijse studio’s boeien me weliswaar mateloos, maar als eerder vermeld strekt mijn belangsteling zich ook uit naar wat er in de jaren twintig, dertig en daarna nog meer met de camera (en het penseel) in Frankrijk werd vastgelegd. Bijvoorbeeld naar het werk van straatfotografen die ook journalistiek actief waren, onder wie Ronis, Kertesz, Stettner, Doisneau en Cartier-Bresson.

Deze opname van een ballonnenverkoper aan de voet van de Eiffeltoren zou moeiteloos aan een van die vijf kunnen worden toegeschreven, maar het is een onlangs in Frankrijk aangekochte foto van een anonieme maker; ik vermoed uit de jaren vijftig.

Ongenaakbaar en moederlijk tegelijk

De post bracht vandaag Alexandre Dupouys Yva Richard | L’âge d’or du fétichisme, een boek dat in november 1994 verscheen ter gelegenheid van een tentoonstelling over Yva Richard tijdens de Mois de la Photo in Parijs. Bovenstaand portret uit dat bijzondere oeuvre had ik kort ervoor al uit de archieven (Les Larmes d’Eros) van Dupouy aangekocht, en mede gelet op de prijs die ik ervoor heb betaald (mijn duurste foto-aankoop ooit), lijkt het er nu toch echt op dat ik als petit collectionneur vaker zal bezwijken voor wat zich op dit specifieke verzamelgebied nog meer aan moois kan aandienen.

Afgebeeld is hier – opnieuw – Nativa Richard, zijnde de echtgenote, zakenpartner *) en muze van Jules Richard. Samen fabriceerden ze in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw lingerie, badmode en later ook fetish-kleding onder de merknaam Yva Richard. Ze verkochten hun eigen creaties alleen op dinsdagen en vrijdag in hun Parijse salon, en via postorders aan klanten in andere delen van de wereld.

“Ongenaakbaar en moederlijk tegelijk” verder lezen

Het (eerste) ‘meisje van kantoor’

Zoals in het voorgaande stukje al aangestipt, was zijn naaister en echtgenote Nativa (hierboven) als fotomodel de meest prominente muze van Jules Richard. Deze lingeriefabrikant, die als amateur ten minste een deel van zijn catalogi en advertentiecampagnes zelf fotografeerde, gold in het Parijs van de jaren twintig en dertig als dé leverancier van sexy ondergoed voor luxe prostituées en dames uit de hogere kringen. Foto’s die in die tijd onder de initialen van het lingeriemerk Yva Richard (dan wel zonder enige vermelding van die herkomst) op de markt kwamen, zijn al jaren zeer geliefd onder verzamelaars, met navenant hoge prijzen.

“Het (eerste) ‘meisje van kantoor’” verder lezen

Onze man in Parijs

Nativa

Ja, dus. Klopt. Ineens een paar heel a-typische foto’s op dit blog. Voortekenen dat er nieuwe wegen worden ingeslagen. Zeven jaar achtereen waren er hier alleen snapshots en serieus bedoelde naaktstudies van anonieme amateurs te zien. In meerdere opzichten van het woord was dat een gloedvol genre om me in te verdiepen, en mezelf kennende zal ik het onderwerp voorlopig (ook hier) nog niet helemaal kunnen laten rusten. Maar ondertussen weet ik me als verzamelaar toch ook al weer langere tijd geboeid door historische fotografie van een wat andere orde.

Mijn smaak en belangstelling hebben zich gaandeweg bijvoorbeeld verlegd naar het werk van (professionele) fotografen in het interbellum. Meer in het bijzonder: naar de fotografie waarmee het Parijs van de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw (de Années Folles) met de camera werd vastgelegd.

De nalatenschap van Brassaï, André Kertesz, Willy Ronis en Robert Doisneau hoef ik op deze plek natuurlijk voor geen enkele fotografieliefhebber meer te herontdekken. Wel verbeeld ik me dat ik een eeuw na dato nog op minder bekende foto’s en verhalen over de toenmalige ‘hoofdstad van de wereld’ kan stuiten die de moeite waard zijn om hier over het voetlicht te brengen.

Café du Progrès, Montmartre (onbekende fotograaf)

Er zullen in hun tijd per slot van rekening toch heel veel meer (beroeps)fotografen zijn geweest die door min of meer hetzelfde Parijs hebben gedwaald als bovengenoemde grootheden. Het alledaagse Parijs van de straat, de boulevards en Les Halles, maar ook dat van de cafés, de bistrots, de restaurants en de clubs. Het Parijs van de bohémiens, de kunstenaars en de musici van Montparnasse, Montmartre en Saint-Germain. En niet vergeten het Parijs van de maisons closes en de flaneurs, en dat van de glamour en erotiek.

“Onze man in Parijs” verder lezen

De culinaire invalshoek

De doorgang van zowel de tentoonstelling als het boek lijkt nu toch echt veiliggesteld. Mits er geen rare dingen meer gebeuren, komen de blootfoto’s die ik de afgelopen jaren heb verzameld vanaf september onder ogen van een groot publiek. Tot half januari 2021 is een selectie van zo’n 700 vintage prints onder de titel For Your Eyes Only te zien in Kunsthal Rotterdam, en over een paar maanden al verschijnt dan ook het gelijknamige boek.

Ik was vandaag in de Kunsthal om er de eerste paar honderd foto’s te brengen. De komende weken zullen ze worden ingelijst zoals ik het me had voorgesteld: achter UV-werend plexiglas en met fotohoekjes opgeplakt op museumkarton, en op dezelfde wijze gerubriceerd als in het boek:

  1. Aaibaar voyeurisme
  2. Garçonnes, flappers en andere Nieuwe Vrouwen
  3. De blootfotograaf op eigen terrein
  4. Naar buiten
  5. De pin-up van zijn dromen
  6. Herr Schnappschuss
  7. Gewoontedieren en serial shooters
  8. Speciale gelegenheden
  9. De wanhopige blootfotograaf
  10. De liefdesgodin met even niet zo’n zin
  11. Happy endings

Tussen de lange, dubbele stroken plexiglas komen uitvergrotingen van foto’s/negatieven die conservator Shehera Grot als eyecatchers heeft uitgekozen. Voor veel andere foto’s, glasnegatieven, oude camera’s en andere fotografische parafernalia is er dan nog plek in de vitrines van de expositie en op de met nostalgische ‘huiskamermuur’, die we vol (gevulde) oude lijstjes van de rommelmarkt hangen. De dia’s uit de collectie worden straks doorlopend in een aparte ruimte van Hal 4 geprojecteerd.

Ondertussen ontvang ik nog altijd foto’s die ik in menig geval al maanden geleden heb aangekocht. Sommige zijn al vanaf april onderweg, want met name in de VS heeft de coronacrisis tot enorme vertragingen bij U.S. Mail geleid. Ook de Russische posterijen maken geen haast met het over de grens sturen van brieven en pakjes, maar dat verbaasde me ook vóór COVID 19 al niks.

De vier foto’s hierboven maakten een langdurige reis vanuit Oostenrijk. Het serietje moest en zou op de valreep nog aan de verzameling worden toegevoegd, omdat het in lulligheid en onbeholpenheid de kroon spant. Hoewel bezoekers en lezers van For Your Eyes Only straks hopelijk zullen beamen dat expo noch boek de draak steken met het genre (en in het bijzonder met vrouwen die zich voor foto’s als deze leenden), wil ik hier en daar toch wel een contrapunt tussen al die braafheid aanbrengen.

Komen ze ook uit Oostenrijk? Als ik niet had geweten dat ze daarvandaan gestuurd zijn, had ik durven zweren dat het een opnamesessie van Oost-Duitse signatuur betrof. De foto’s krijgen hoe dan ook een plekje in de sectie ‘Herr Schnappschuss’, waarin, behalve het oeuvre van (Oost)Duitse blootfotografen, ook de sterk daarmee verwante snapshots en ‘naaktstudies’ van andere amateurs uit Oost- en Midden-Europa zijn opgenomen.

The Most Wonderful Time of the Year

Ik kom er over de volgorde waarin dit serietje werd geschoten niet helemaal uit. Mij zou het logisch lijken als deze oudere mevrouw in haar oude, gebloemde duster op kerstavond was verrast met een nieuw sexy nachtsetje, zijnde het doorkijk-huispak dat ze op de volgende dia’s showt. Maar ja, dat heeft ze op het eerst afgebeelde portretje van d’r dus ook al aan.

Het kan dus ook de laatste foto van de reeks zijn. Die waarop ze nog even nageniet van de feestelijk opgetuigde denneboom, maar zich ondertussen al wel weer wat decenter in haar ponnetje heeft gehuld. Blijft bovendien de vraag waarom iemand onder zo’n spannende onesie dan ook nog wit ondergoed aan heeft. Maar zo had de blootfotograaf het niet bedoeld!

Inspiratie voor blootfotografen/muziekfans: afgaand op de voorste hoes van de lp-collectie lag op de platenspeler vermoedelijk het sfeervolle ‘Christmas with the Christies’ van The New Christie Minstrels.

Zeg het met bloemen

Ik weet nog niet precies of en hoe dia’s zullen worden gepresenteerd op de tentoonstelling. De gedachte bij Kunsthal-curator Shehera Grot, ontwerpster Masja van Deuren en mij is vooralsnog om een aparte donkere ruimte in hal 4 te bestemmen voor een doorlopende vertoning ervan. Het zal in hooguit een enkel geval zo zijn dat er ook een moderne print van te zien is, omdat we boven alles willen dat de getoonde snapshots, polaroids en bijvoorbeeld de sjiekere blootfoto’s op Velox- of barietpapier in For Your Eyes Only vintage zijn. Dus daterend uit de tijd dat ze door een fotograaf of een lab werden afgedrukt.

Dt zijn twee dia’s uit de VS die ik daarom vooral ook aankocht voor opname in het gelijknamige boek, en dan bedoeld voor de sectie ‘Bloemenmeisjes’ in het hoofdstuk ‘De pin-up van zijn dromen’. Net als knuffels en huisdieren figureren er in het blootgenre nogal eens bloemen. Het waren alle attributen waarmee een fotograaf zijn argument kracht mee kon bijzetten dat het hem niet om lust, porno of bloot pur sang te doen was. Maar ongetwijfeld zijn er ook veel vrouwen geweest die om die reden alleen met zulke rekwisieten ‘op de set’ wensten te verschijnen.

Deze mevrouw was dan tegelijkertijd ook weer niet de allermoeilijkste. Bij gebrek aan verse bloemen in huis voldeden voor deze sessie ook twee plastic rozen.

Schitterende mislukkingen

De foto’s in het eerste rijtje zijn prints van negatiefjes op 127-mm kleinbeeldformaat . Ze maakten zeer waarschijnlijk deel uit van een serietje rond een rollenspel. Ik heb soortgelijke opnamen van dezelfde vrouw in andere kleding en poses, maar gefotografeerd in omstandigheden die er eveneens op wijzen dat er storytelling mee werd bedreven. Mogelijk waren ze bedoeld voor publicatie in een ranzig seks- of misdaadblaadje, mogelijk ook bedachten de amateurfotograaf en zijn vrouw strikt voor hun eigen genoegen scènes als die hierboven. Ik kocht ze in Engeland en, gelet op het tv-kastje, zullen ze uit de vroege jaren zestig dateren.

De kwaliteit van zowel de negatiefjes als de afdrukken is van dien aard dat ik er op de expositie in de Kunsthal in elk geval niets mee kan. Los nog van het feit dat ze technisch en esthetisch onder de maat zijn, betreft het bovendien nog een setje dat een eigen bijschrift zou behoeven. Op zich geen probleem, maar zoals het er nu naar uitziet word ik straks geacht per thema een algemenere tentoonstellingstekst aan te leveren, zonder dat daarin steeds kan worden ingezoomd op curiosa als deze.

In het bijbehorende boek is daar natuurlijk wel ruimte voor. Ik ben nog altijd druk in onderhandeling om het toch – en op tijd – gepubliceerd te krijgen, en de vooruitzichten zijn niet helemaal ongunstig. Kom ik eerdaags wel weer wat uitgebreider op terug.

De vroeg twintigste-eeuwse negatieven uit het middelste rijtje bleken ook niet dusdanig te restaureren dat ze puntgave prints opleveren, maar mijn verzamelaarshart smelt toch wel van dit beeldrijmpje. Hoewel het absoluut niet mijn bedoeling is om alle bijeengebrachte foto’s voor zowel de tentoonstelling als het boek met photoshop of andere middelen op te (laten) pimpen, kan ik me voorstellen dat enige editing wel van pas komt bij de gereproduceerde opnamen van glasplaten, negatieven en dia’s die in groot formaat aan de vintage afdrukken worden toegevoegd.

De laatste foto komt van zo’n glasplaatnegatief, en daarin heeft de fotograaf (dan wel zijn model of iemand anders) zelf bewust de hand gehad in de beschadiging ervan. Hij deed dat op dezelfde manier als de roemruchte Amerikaanse fotograaf E.J. Bellocq (of, opnieuw: iemand die zijn werk onder ogen kwam) dat menigmaal deed: door het gezicht van een afgebeelde vrouw weg te krassen.

Ik zal tezijnertijd nog wel eens wat schrijven over deze Bellocq, uit wiens oeuvre ik een paar fotogravures heb, maar google ‘m en je treedt een strijdperk binnen waarin nu al vijftig jaar lang door kunst- en fotohistorici, feministen, schrijvers, filmers en andere vorsers wordt gekissebist over de ‘kwestie Bellocq’.

Was hij als veronderstelde hoerenloper zelf de man die de prostituées die hij in New Orleans bezocht op zijn foto’s onherkenbaar maakte? Waren het de dames die op deze manier ingrepen als ze hun portretten eenmaal te zien kregen? Waren het zijn erven die aldus uit de problemen wensten te blijven?

Het is overigens nog maar één los eindje in het mysterie én de discussie rondom de persoon Bellocq. Waar hij in romans, poëzie, films en museale presentaties is bewierrookt als een soort Vincent van Gogh van zijn era (begin twintigste eeuw), krijgt hij in het huidige politiek-correcte tijdperk ook de wind vol van voren van feministen die hem als een fotografisch roofdier en een misbruiker van weerloze vrouwen wegzetten.

Portret van E.J. Bellocq

Zondagnamiddag

Petite striptease, aangekocht uit de VS. Ik ben, onder veel meer, altijd weer nieuwsgierig naar de gelegenheid of de dag van de week dat een blootfotograaf zijn geliefde bereid vond om aan een fotosessie als deze mee te werken.

Het zal met mijn eigen ervaringen terzake te maken hebben dat ik 1) veronderstel dat de meeste stripteases plaatshadden op luie en misschien enigszins door landerigheid geplaagde zondagnamiddagen, en 2) dat eraan voorafgaand ook al wel een glaasje van het een en ander was genuttigd.

Maar je weet het niet, natuurlijk. Vind en vraag het ze maar eens: al die opa’s en oma’s wereldwijd die met het bijltje hebben gehakt. Reacties van blootfotografen en/of amateurmodellen uit die generatie zijn dus uiteraard zeer welkom.

Kwetsbaar

Als een man al sexy voor de camera poseerde dan was dat doorgaans als atleet, als stoere krijger, in zijn hoedanigheid als soldaat (met name de nazi’s legden elkaar ‘in het veld’ veel bloot vast), of – lachen! – in travestie. Een enkele keer liet een vent zich ook nog wel eens in een snapshot vangen op het moment dat hij bijvoorbeeld bloot in de badkamer stond of op de wc zat.

Foto’s van heren met een terugkerende aandrang om zich in vrouwenkleren te hullen, en zeker ook transgenders, vormen in het blootgenre uitzonderingen op genoemde stereotypen van het gewaagde mannenportret. Foto’s die voor eigen gebruik lijken te zijn gemaakt, hebben altijd iets kwetsbaars. Dit is een afdruk van een negatief dat ik in de VS aankocht . Ik kan er lang naar kijken. Het zou zomaar een opname van Diane Arbus kunnen zijn geweest, nietwaar?

From Hungary with love

Ik heb me voorgenomen met het verzamelen van blootfoto’s te stoppen wanneer de tentoonstelling For Your Eyes Only (september 2020-januari 2021, Kunsthal Rotterdam) eenmaal achter de rug is. De collectie verbreden en verdiepen zou anders zo maar tot een persoonlijk faillissement kunnen leiden, aangezien ik nu al jarenlang elke dag wel weer nieuwe foto’s op veilingen zie die ‘in het geheel eigenlijk niet kunnen worden gemist’.

Ik vond laatst bijvoorbeeld echt voor het eerst een foto van een bruid die haar trouwjurk optrok om de kousenband daaronder aan haar fotograaf te tonen. Indachtig de wijdverbreide (westerse?) traditie om je voor een huwelijksvoltrekking met zo’n stukje lingerie van je aantrekkelijkste kant te laten zien, zou je denken dat er honderden, duizenden van zulke amateurfoto’s zijn gemaakt. Maar ik ben er tot voor kort dus nooit ook maar eentje zoals deze hieronder tegengekomen (het is een portret van ‘Heather’ staat op de achterkant ervan, en het komt uit de VS).

“From Hungary with love” verder lezen

Favoriet

Ja, laat dit maar de foto zijn op de affiches en de uitnodigingskaarten is afgedrukt wanneer For Your Eyes Only in Kunsthal Rotterdam te zien is. Laatste nieuws is dat de tentoonstelling (blootfotografie door amateurs, 1870-1980) gewoon op de agenda voor september e.v. blijft staan, dus dat er vooralsnog niet van uitstel sprake is vanwege de coronacrisis.

Dit portret op glasnegatief komt in elk geval groot in de zaal te hangen, want alles wat ik zo mooi en aandoenlijk vind in het genre zie je erin terug: de vaak wat schutterige en niet al te toegeeflijke wijze waarop vrouwen bloot of anderszins sexy voor de camera van hun man poseerden, de meewarigheid die ze op zo’n moment ook gratis mee verpakten in hun blikken, het hoge gehalte aan alledaagse huiselijkheid waarvan zo’n gewaagde blootfoto bewust of onbewust toch ook getuigde.

Bovendien is dit dan ook nog een foto uit de jaren twintig, ofwel de Roaring Twenties, ofwel de Jazz Age: mijn favoriete tijdperk als het om dit type foto’s gaat. Ik las in twee dikke genderstudies dat dat de era was waarin ‘de nieuwe vrouw’ haar opwachting in het straatbeeld, de film, de media, de literatuur (The Great Gatsby) en de reclame maakte, en die vrijmoedigheid kun je ook op snapshots en naaktstudies in huis, tuin, bed, bad, bos, duin & keuken uit die jaren terugzien.

Het viel bepaald niet mee om deze honderd jaar oude opname tevoorschijn te toveren in de kwaliteitsscan die je hier ziet, zodat mijn dank aan de man die de klus klaarde, fotograaf en ambachtsman Pieter Vandermeer, groot is.

1953

In Duitsland aangekocht, met op de achterkant de aantekening ‘1953’ in potlood. Klein formaat foto, dus een tamelijk betrouwbare vingerwijzing dat hier toch echt een opname van een amateurfotograaf en een dito model betreft. En wat voor een/twee!

Frau Schnappschuss

Een stevig hoofdstuk in For Your Eyes Only is gewijd aan Herr Schnappschuss: de typisch-Duitse blootfotograaf. Tot aan de bouw van de Muur kwamen de stijlen van amateurs uit de BRD en DDR aardig met elkaar overeen, erna kreeg de blootfotografie van Ossies een heel eigen en uniek karakter, zoals ook deze foto van Frau Schnappschuss naast de Trabant zou kunnen aantonen.

Tijdschriften en films met verderfelijk erotisch en pornografisch materiaal van westerse herkomst waren er verboden. Wel was het inwoners van de ‘Boerenrepubliek’ toegestaan om natuurlijk bloot met de camera vast te leggen. Een en ander heeft er mede toe geleid dat Oost-Duitse blootfoto’s decennialang verstoken bleven van bijvoorbeeld zoiets als glamour.

Benen!

Moeilijk te zeggen welke lichaamsdelen van hun vrouwen voor amateurfotografen getalsmatig nou de meeste blootfoto’s hebben opgeleverd. Die waarbij het de maker in de plaats om haar schitterende benen ging, zijn relatief moeilijk te vinden en daardoor ook zeer geliefd bij verzamelaars. Je betaalt er op veilingen de hoofdprijs voor. La Compagnie des Snapshoters, een Frans gezelschap van collectionneurs, heeft aan de collectie benenfoto’s van clublid Florian Vigneron recent een mooi boekje gewijd onder de titel Croisees Decroisees dat via lacompagniedessnapshoters.com voor een luttel bedrag te koop is.

Vigneron heeft aan mij een alerte concurrent als het op het verwerven van mooiebenenfoto’s aankomt, want het zijn esthetisch gezien niet zelden ook opnamen van een blootfotograaf met verstand van zaken. Dit is een recente aanwinst en een van mijn overall favoriete foto’s in mijn eigen verzameling.

Verwacht!

Proefomslag van For Your Eyes Only | Blootfotografie in huis, tuin, bed, bad, bos branding & keuken, 1870-1980, te verschijnen in september 2020, tegelijk met de gelijknamige tentoonstelling in Kunsthal Rotterdam (sept. 2020-januari 2021). In boek en expositie zijn ruim 800 foto’s opgenomen uit de verzameling zoals die hier online al deels is gepubliceerd.

For Your Eyes Only verschijnt zowel in het Nederlands als het Engels. Belangstellenden kunnen binnenkort voorintekenen op een speciale collector’s only-editie van het boek + entreeticket voor de show in de Kunsthal + master print van een de historische foto’s die in de uitgave zijn opgenomen. Meer nieuws hierover binnenkort op andere dit blog!

Liefde en erotiek in tijden van oorlog (2)

Aanwinsten in een serie blootfoto’s waarover ik recent al eerder kort schreef. Volgens de Oostenrijkse verkoper van wie ik ze kocht, werden ze in Duitsland gemaakt ten tijde van de Tweede Wereldoorlog dan wel in de aanloop daar naartoe. Aannemelijk, gelet op de foto die ik hier op dit blog al eerder van dezelfde vrouw publiceerde. Ze is erop te zien met een mes dat tot de standaarduitrusting behoorde van de Sturmabteilung (SA; in de volksmond de ‘bruinhemden’), zijnde de paramilitaire organisatie van de nazi’s.

Opgericht in 1921 beleefde deze knokploeg haar periode van bloei tussen 1921 en 1934, met vier miljoen leden op haar hoogtepunt. In laatstgenoemd jaar werd de top van de SA in de Nacht van de Lange Messen door de SS geëxecuteerd, waarna het snel bergafwaarts ging met de bruinhemden. In 1938 deden de ingezworenen nog één keer massaal van zich spreken: in de Kristallnacht waren het de SA-mannen die, in burgerkleding, joodse winkels kort en klein sloegen en de eigenaren ervan mishandelden. Meer hierover hier op wiki.

Liefde en erotiek in tijden van oorlog

Foto’s gekocht van een antiquair in Oostenrijk, die erbij vermeldt dat het hier gaat om een serie van een Duitse vrouw ten tijde van WOII. Aangezien ze op de foto hierboven met een dolk en andere militaire attributen poseert, zou je direct vermoeden dat het hier een nazi-liefje betreft. Tijdens de oorlog legden Duitse soldaten op last van de Führer met camera’s alles vast wat ze aan het front en elders aantroffen en meemaakten. Dat consigne was ook een vrijbrief om voor distributie bedoelde nazi-porno en Arische erotiek te produceren. Er zijn achteraf boeken aan dat subgenre gewijd, maar het zullen ongetwijfeld veelal betaalde modellen zijn geweest die zich ervoor leenden.

In dit geval gaat het zeer waarschijnlijk dan weer om privéfoto’s, en op grond van de heel summiere informatie van de handelaar erover kan ik er straks in mijn eigen boek moeilijk over beweren dat we hier naar typische ‘nazistische blootfotografie’ kijken. Maar op zichzelf is de serie natuurlijk al fascinerend genoeg. Veel toegeeflijke vriendinnen en echtgenotes hebben zich over een langere periode in hun leven bloot door hun mannen laten fotograferen, al zie je slechts zelden dat er zo nadrukkelijk werd gevarieerd in spannende poses en locaties . De serie is nog niet ‘compleet’; ik hoop haar de komende weken nog verder aan te kunnen vullen. Ze krijgt een plek in de tentoonstelling en het boek die ik onder de titel For Your Eyes Only/Kleine geschiedenis van de blootfotografie in huis, tuin, bed, bos, duin & keuken aan het samenstellen ben.

Update: het wapen op de foto is volgens archivaris Kees van Buren een mes/dolk van de SA (Sturm Abteilung), met op het lemmet het opschrift ‘Alles für Deutschland’.

For Your Eyes Only

Update! Deze site zal vooralsnog wel onder de naam ‘Doe het dan voor mij’ blijven bestaan, maar intussen staat ook al min of meer vast dat de exposities en het boek die ik aan mijn ‘Kleine geschiedenis van de blootfotografie in huis, tuin, bed, bad, bos, duin, branding & keuken’ ga wijden een andere titel krijgen.

Ik kies voor For Your Eyes Only omdat deze beter duidelijk maakt wat de verzameling behelst. ‘Doe het dan voor mij’ wekt per slot van rekening de indruk dat vrouwen tussen 1870 en 1980 allemaal met tegenzin bloot voor hun man poseerden. En daarmee doe ik zowel die amateurmodellen als hun fotografen ernstig tekort. Er is in dit genre wat af gelachen, gedold, gefantaseerd en geëxperimenteerd aan beide zijden van de camera – als een blootfoto al niet ‘gewoon’ werd gemaakt om er een intiem en gelukkig moment in het leven van twee mensen mee vast te leggen.

For Your Eyes Only dus. Over die twee tentoonstellingen binnenkort meer concreet nieuws. Eind oktober spreek ik de verantwoordelijke conservator van de Kunsthal in Rotterdam over de precieze maand(en) waarin de expositie daar te zien zal zijn (vermoedelijk zomer 2020). En eraan vooraf gaat dan nog een wat kleinere show elders in dezelfde stad; ook hierover weldra meer informatie. Bedoeling is in ieder geval dat die eerste presentatie in februari samenvalt met Art Rotterdam.

Tegelijkertijd met For Your Eyes Only in de Kunsthal hoop ik dan ook het gelijknamige boek in de winkel te hebben. Ik overleg op het moment met een uitgever over de bekostiging en opzet daarvan, maar ben alvast aan het schrijven. Tegelijkertijd blijven ook de foto’s binnenstromen die ik her en der in de wereld aanschaf. Tot dusver zijn het er een kleine duizend, waarvan ik er nu al ten minste 800 gráág in het boek en in de Kunsthal zou willen terugzien. Vraag blijft of ik die ruimte werkelijk krijg, maar ik kan op voorhand beloven dat de selectie breed, bijzonder, verbazingwekkend, ontroerend en soms ook hilarisch zal uitpakken.

Geen post op deze website zonder foto’s. Bij deze update daarom een bescheiden keuze uit de blootfoto’s die ik de afgelopen zomer aan de collectie toevoegde.

De liefdesgodin (met even niet zo’n zin)

Ik denk dat ik erover uit ben hoe ik tentoonstelling en boek (ze komen er beide volgend jaar aan; meer daarover later) over de Kleine geschiedenis van de blootfotografie in huis, tuin, bed, bad, strand en keuken ga indelen. Een van de hoofdstukken in de uitgave zou bovenstaande titel wel eens kunnen krijgen, en ik ga er al die oude blootfotootjes in onderbrengen waaraan vrouwen niet of slechts met grote tegenzin wensten mee te werken.

De naam van deze website die ik een jaar of drie geleden bedacht, refereert nog nadrukkelijk aan deze subcategorie binnen het genre, maar dekt de lading van het geheel (zo’n zes- à zevenhonderd foto’s intussen) al lang niet meer. De snapshots en met moeite afgedwongen ‘spannende’ portretjes waarop de maker er bij wijze van spreken de opgestoken middelvinger van zijn liefdesgodin bij kreeg, wegen in aantal niet op tegen de blootfoto’s waarvan het resultaat ook voor háár evenredig was aan de inzet.

Als het helemaal aan mij ligt, krijgen boek en expositie de titel For His Eyes Only, wat impliceert ze zowel Nederlandse als Engelse tekst moeten bevatten. Wel zo goed natuurlijk voor een grensoverschrijdend onderwerp als het onderhavige.

Het extra kansje

Nadat hij de eerste keer al flink de wind van voren van haar had gekregen, kon deze stiekeme blootfotograaf de verleiding niet weerstaan om ook het tweede buitenkansje met beide handen aan te grijpen. Leuk is anders natuurlijk, full frontal nude te worden gekiekt terwijl je er absoluut niet op bedacht bent en ook niets bij de hand hebt om woedend richting zijn camera te smijten. Maar erger is het als ze je gestuntel vastleggen op het moment dat je bloot, en dus extra kwetsbaar, over puntige rotsen heen de zee probeert te bereiken. Dat zal zowel voor vrouwen als mannen gelden, maar feit is dat het vroeger vrijwel altijd de laatsten waren die de camera vasthielden en van dit type foto’s de humor wel inzagen.

De indoor-wildlife-blootfotograaf

Een enkele blootfotograaf koppelde die liefhebberij aan het verlangen om zich ook als wildlife-fotograaf te kunnen manifesteren. De meesten van hen namen daarvoor hun geliefde mee naar buiten, waar zij uitgedost als hula-meisje, krijger, witte squaw of het een of andere natuurwezen ‘in het wild’ gestalte gaf aan zijn fantasieën over oervrouwen.

Heel soms blijkt er ook binnenshuis op zo’n archetype te zijn gejaagd. Ik vernam laatst dat er een boek bestaat met de titel The Wild Man at Home uit 1879. Hoewel ik er de hand nog niet op heb kunnen leggen, verbeeld ik me dat er foto’s als deze in zouden kunnen staan. Ik fantaseer er meteen ook maar kamers vol opgezette dieren, geweien, hoorns, dierenvallen en wapens aan de muren bij. Mooiste trofee in die collectie van de indoor-wildlife-blootfotograaf: de vervaarlijke boskat in de persoon van zijn vrouw – getemd en wel.

Deze twee negatiefjes zijn van Duitse herkomst, en ik schat dat ze in de jaren zeventig zijn gemaakt. Het gasmasker kan niet verhullen dat het op beide blootfoto’s dezelfde jonge vrouw is die ervoor poseert. Gezien de sieraden die ze op de ene foto wél en de andere niet draagt, heeft ze op verschillende momenten zijn prooi gespeeld. Haar beteuterde blik op de rechterfoto kan erop wijzen dat ze het niet fijn vond dat ze door haar pelsjager opgespoord en gevangen was.

Of, kan natuurlijk ook: ze vond het hele gedoe nog niet het flauwste glimlachje waard.

Sessie

Af en toe rijgen een paar afzonderlijk en gefaseerd aangeboden fotootjes zich aaneen tot de weerslag van een sessie. Deze shoot sprokkelde ik bij elkaar uit het aanbod van verzamelaar/handelaar (en maker?) Laszlo uit Boedapest, van wie ik de afgelopen maanden veel heb aangekocht. Hij heeft in zijn collectie veel vrolijke snapshots uit het Hongarije van de jaren zeventig en tachtig, een periode waarin het land zich van de rest van het Oostblok onderscheidde door de relatieve mate van vrijheid die de burgers genoten. De jongerencultuur verschilde er op het eerste oog weinig met die in Amerika en westerse landen in Europa.

Maar er werden indertijd ook veel van die sombere en enigszins onbeholpen blootfoto’s als deze geschoten, die je als ‘typisch vanachter het IJzeren Gordijn’ zou kunnen aanmerken. In die rechttoe-rechtaanstijl en met dat zwartste zwartwit heeft de Hongaarse aanpak in het blootgenre dan juist weer veel gemeen met die van huis-, tuin- en keukenfotografen in buurlanden als toenmalig Oost-Duitsland en Joegoslavië.

O daddy!

Fotootje van zo’n 3 bij 4 centimeter uit de jaren 1920-1930. Is het om voor de hand liggende redenen al bijzonder dat zo’n intiem en prachtig moeder & baby-portret op enig moment buiten de familiekring belandt, het tweeregelige tekstje op de achterzijde maakt deze vondst helemaal speciaal. Behalve als liefhebbende vader en echtgenoot weet de maker zich ook in erotische zin door het tafereel aangetrokken.

Geen schokkende onthulling, zo weten alle ouders die borstvoeding gaven of er, al dan niet met camera, getuige van mochten zijn. Maar het feit dat een blootfotograaf er honderd jaar geleden ook voor uitkwam, is op z’n minst opmerkelijk. ‘O, daddy it taste so good don’t you want some to? She look so sweet when she is nursing.’

Striptease-light

Een striptease-light dan wel een serie die over een periode van een jaar of zestig incompleet is geraakt. Andere mogelijkheid is dat er van dezelfde reeks alsnog enkele opnamen op een veiling opduiken. Om mij onbekende redenen lassen handelaren in de verkoop van foto’s die overduidelijk bij elkaar horen nog wel eens een pauze in. Maar het kan ook dat ze de overeenkomsten tussen de daarop afgebeelde vrouw, situaties, papierformaten e.d. helemaal niet herkennen of er geen waarde aan hechten.

De mate van liefde en zorgzaamheid die particuliere en professionele aanbieders van (bloot)foto’s voor hun materiaal aan de dag leggen, verschilt ook van persoon tot persoon en is onder meer af te lezen aan de hoeveelheid die ze (kunnen) verschaffen over de opname(n) waarin je geïnteresseerd bent en aan de wijze waarop een aankoop uiteindelijk bij je terechtkomt.

Voor sommigen is bij wijze van spreken een envelop eigenlijk al te veel. Anderen bouwen met karton, plastic en méters plakband een dusdanig solide, meerlaags poststuk op dat je al gauw tien minuten met schaar en messen druk bent voordat je het open hebt. Het zijn stripteases op zichzelf.

De plundering van de kinderkamer

Ik knijp in m’n handen wanneer een blootfoto als deze in het veilingaanbod voorbijkomt. Heel meegaande vrouwen lieten zich heus nog wel eens door hun vent beschilderen om samen iets bijzonders aan het erotische huis-, tuin-en keukengenre te kunnen toevoegen. Zoals ook de knuffeldieren in het verleden vaker aan de rand van het echtelijke bed stonden om in een blootsessie hun partijtje mee te mogen blazen.

Maar een scène die is opgeleukt met én een hond én spinnen én een bijbehorend plastic dan wel metalen spinnenweb? Nooit eerder gezien. En kom er ook maar eens op. De zoon des huizes zal in een aanpalend jongenskamertje later toch even vreemd hebben opgekeken bij de constatering dat zijn spinnen, met web en al, een uitstapje hadden gemaakt. Foto uit Berlijn.

Beeldrijm (11)

Dit zijn duidelijk twee voor privégebruik gemaakte portretjes, die tegelijkertijd ook over de hoofden (en de rest) van beide dames heen zijn gefotografeerd. De makers ervan wilden dat ze meer waren dan alleen een erotisch getinte foto. Mooi dat die ene mevrouw bovenóp de boekenplank wilde poseren. Maar om dat staaltje evenwichtskunst en die spannende netkousen en jarretelles van d’r was het haar geliefde minder te doen.

Wat hij in deze opname liever weerspiegeld zag, waren de titels van de verzamelde werken van alle grote fotografen waarmee hij zich thuis had omringd. Terwijl zij zich met behulp van een keukentrapje of de eetkamerstoel moeizaam een plekje op de schouders van onder anderen Richard Avedon en Alfred Eisenstaedt verschafte, was hij al in dialoog met die beroemde meesters, met de fotografie, met zichzelf én met al die onbekenden die deze foto wellicht ooit onder ogen zouden kunnen krijgen. O, ijdelheid!

De maker van portretje nummer twee nam zichzelf in een foto de maat met aanzienlijk meer zelfspot. Of het moet zijn vrouw zijn geweest die op het idee kwam om het handboek How to make good pictures voor de lens van de camera op te houden. Haar laconieke houding en de ironische twinkeling in haar ogen doen vermoeden dat ze beiden lol hadden bij het bedenken van dit beeldrijm. En naderhand zal ze haar blootfotograaf dan nog wel wat gelegenheid hebben geboden om nog wat op haar als amateurmodel te blijven oefenen; ze lijkt er per slot van rekening speciaal voor gekleed. Het betreffende boek was een uitgave van Eastman Kodak Company en werd voor het eerst uitgegeven in 1943.

De stalker-blootfotograaf

Naast iedere blootfotograaf – of in dit geval beter: vóór – staat een vriendin, verloofde of echtgenote die zelf ook wat lol in ’s mans liefhebberij schept. Anders is het voor een kerel toch snel gedaan met zo’n hobby, en uiteindelijk met zijn relatie. Maar wat nou als een heel gedreven blootfotograaf helegaar geen vrouw heeft? Of eentje die zichzelf veel te kuis en te netjes vindt om zich in pikante poses door hem te laten vereeuwigen?

In een nog komend aantal stukjes ga ik aandacht schenken aan de betaalde modellen die ook in het amateurgenre van de fotografie (en daarvóór al in het kunstenaarsmilieu) van oudsher in die leemte hebben voorzien: de ‘vrouwen uit de werkende klasse’ en ‘meisjes van de straat’, zoals ze in boeken over de geschiedenis van de fotografie en de schilder- en beeldhouwkunst doorgaans worden aangeduid.

Deze keer nog even over een tweede optie die de blootfotograaf-zonder-eigen-muze had. De introductie van draagbare handcamera’s in de laatste decennia van de negentiende eeuw schiep voor hem de mogelijkheid om er, in het geniep, vrouwen ‘in het wild’ mee te gaan schieten.

“De stalker-blootfotograaf” verder lezen

Een leven lang geluksvogel (3)

‘Scènes uit een huwelijk’. Nog meer foto’s uit de nalatenschap van een Duits of Oostenrijks echtpaar, van wie de vrouw over een periode van enkele decennia bloot werd gefotografeerd. Ik schreef hier en hier eerder over deze verzameling. Ze is bijzonder omdat ‘seriële’ blootfotografen en/of hun privémodellen in de regel niet over de lange adem beschikten om die liefhebberij jaren vol te houden.

Als zo’n levenswerk al op een veiling of beurs in de vorm van een album te koop is, betaal je er een fortuin voor. In de separaat aangeboden foto’s in deze reeks duiken van dezelfde Duitse handelaar in ‘antiquiteiten’ nog steeds portretjes uit verschillende leeftijdsfasen van de vrouw op. In zijn drang om haar ‘compleet’ te willen hebben, dreig ik meer dan een halve eeuw later de maker van de foto’s achterna te gaan.

Doe-het-zelf-bondage

Ik zoek nog altijd onafgebroken naar manieren om de ene blootfoto van de andere te kunnen onderscheiden. Elke vorm van rubricering is in principe nog mogelijk. Naar het tijdvak en de maatschappelijke context waarbinnen mannen blootfoto’s van hun vrouwen maakten. Naar de verschillende locaties die ze daarvoor gebruikten. Naar de omstandigheden waarin ze dat deden (stiekem, speciale gelegenheden, tegen de zin van hun model, enz). Naar de creatieve en technische middelen die ze daarbij konden inzetten. Of naar de intenties waarmee ze te werk gingen.

Ik dacht sinds een poosje dat laatstgenoemde rubricering goed hanteerbaar zou zijn, daarbij uitgaand van de gedachte dat er van grofweg drie type blootfoto’s in het historische amateurgenre sprake is. Namelijk 1): de foto waarbij het de maker alleen te doen was om er zijn geliefde deels of geheel bloot op te zien; 2): die waarbij het de fotograaf en zijn model (ook) ging om de erotische en/of esthetische zeggingskracht ervan, of 3): die waarin expliciet de seksuele kaart werd gespeeld.

“Doe-het-zelf-bondage” verder lezen

Over lichtekooien, marmeren meisjes en andere ‘horizontalen’

Blootfotografen die niet over een eigen verloofde of echtgenote beschikten om voor ze te poseren, maakten daarvoor vroeger soms gebruik van een ‘meisje van de straat’. Dat is een ruime omschrijving voor wasvrouwen, dienstertjes en prostituées die er wel voor voelden om op die manier een extra centje bij te verdienen. De komende weken ga ik op deze website op zoek naar de verhalen en, waar mogelijk, de foto’s die dit tamelijk onderbelichte aspect in de geschiedenis van de blootfotografie in huis, tuin, bed, bad, strand & keuken wat meer naar voren kunnen halen.

“Over lichtekooien, marmeren meisjes en andere ‘horizontalen’” verder lezen

De vrouw met de bijl

Ook weer zo’n blootfoto waar je lang naar kunt kijken zonder dat je erachter komt hoe hij tot stand is gekomen. Uit de geopende oven valt af te leiden dat er serieus sprake kan zijn van een huishoudelijke taak die bij het maken van deze foto min of meer simultaan moest worden verricht.

Maar kleed je je voor dit snapshot (wel op 6×6-negatief) eerst uit, om pas daarná de klep van de oven open te zetten? Was die al klaar om te worden aangestoken, maar wilde ze daaraan voorafgaand dan wel even poseren? Of kon hij maar het best open om zo een minder aantrekkelijk deel van een onderbeen te maskeren?

Tegen de op het oog meest plausibele verklaring (even gauw een blootfoto tussen de dagelijkse beslommeringen door) kun je alvast inbrengen dat je dan toch iemand op slippers, sloffen of blote voeten in beeld had verwacht, en niet op zilver- of goudgelakte dansschoenen.

Hierop doorredenerend kan het natuurlijk ook zijn dat de fotograaf zich met zijn camera in de keuken had geposteerd, terwijl zij in de bad- of slaapkamer druk was met het maken van haar toilet. Je roept als man dan vervolgens heel paniekerig dat er wat lijkt aan te branden in de oven of dat er anderszins iets helemaal misgaat in de keuken, waarna zij onmiddellijk komt toesnellen en je, hoppakee, je blootfoto hebt.

Nou ja, zo candid zal het ook niet helemaal zijn gegaan: zij heeft zichtbaar een seconde of langer de mogelijkheid gehad om ten minste nog een béétje een houding te kunnen aannemen en tegelijkertijd nog iets (een krultang, een haarborstel) achter haar rug te verbergen. Het kan ook een broodmes of, erger, een hakbijl zijn geweest. Want die geringschattende uitdrukking is intussen nog steeds niet van haar gezicht verdwenen.

Het heeft de maker van deze foto er niet van kunnen weerhouden om dit negatief toch maar voor het nageslacht veilig te stellen. Goed maar dat er door de geschiedenis van het genre heen zo weinig blootfotografen aan een dodelijke blik of de fatale inslag van een haarborstel zijn gestorven.

Kerstavond en de morning after

Twee Ektachrome-dia’s uit 1968 of 1966, de gedrukte jaartallen op de kartonnen kadertjes zijn net iets te vaag om daarover zekerheid te kunnen verschaffen. Over de maand waarin ze door Kodak zijn ontwikkeld, kan daarentegen geen misverstand bestaan, dat is ‘DEC’. Uit de opnamen zelf valt wel af te leiden dat ze hoogstwaarschijnlijk in kersttijd zijn gemaakt. Op de foto hierboven is nog net een stukje van een glinsterende feestslinger zichtbaar, en op de achtergrond zijn een kandelaar met rode kaars en wenskaarten te ontwaren.

Nog wat extra secundair bewijs: op veel oude Amerikaanse foto’s zie je terug dat mannen hun echtgenote tijdens kerstavond een huispyjama, een nachthemd, een babydoll of spannende lingerie cadeau deden. Goede traditie was dan kennelijk dat ze er direct na het uitpakken ook in poseerde. Een beproefde ‘kat-op-het-spek’-methode die overigens weer níet specifiek Amerikaans is; ik ben de damesmodezaken vroeger zelf ook wel af geweest met het schijnheilige voornemen om mijn vriendin met een foto van zichzelf in een keelsnoerend, La Perla-achtig setje te verblijden. Daar kwam, een beetje blootfotograaf eigen, verder geen kerstgedachte aan te pas.

Voor Dia 1 poseert deze vrouw nog op dusdanig onbestemde wijze dat een gulle gever annex blootfotograaf er een tikje onzeker van zou kunnen raken. Is ze er potverdorie eigenlijk wel dolgelukkig mee? Is het vertwijfeling of, erger nog, een blik van diep doorvoeld nausée waarmee ze haar ogen ten hemel heft? En moet ze zo’n babydoll nou ook per se zó verschrikkelijk decent dichtknopen? Gelukkig hebben we ook dia 2 nog…

“Kerstavond en de morning after” verder lezen

Toen je als vrouw, bloot op het aanrecht, nog vrolijk naar de camera zwaaide

Twee portretjes uit de VS, naar opgave van de verkoper uit de jaren zeventig. Aan het begin daarvan dan toch, schat ik. Want hoe later in dat decennium, hoe fletser en ook obligater blootfoto’s er zeker in kleur uit gaan zien. Dat zal iets met de gebruikte chemie in de fotolabs van die tijd te maken hebben en met de goedkope point-and-shoot-camera’s die toen massaal op de markt waren. Maar ook met de daarmee gepaard gaande transformatie van de foto als gekoesterd bewaarobject naar wegwerpartikel.

Er werd indertijd althans door amateurs duidelijk slordiger en onverschilliger gefotografeerd. Foto’s uit labs uit de jaren tachtig zijn al weer veel beter in hun kleuren, maar die hebben wat mij betreft tegelijk ook allemaal iets ordinairs – of het nou al dan niet om huis-, tuin- en keukenbloot gaat. Ik heb maar een stuk of wat foto’s uit die periode in mijn verzameling, maar sla geen acht meer op wat er in het veilingaanbod nog meer uit te halen valt. In het genre waar het op deze site over gaat, is het een vloed van trash, fantasieloosheid, porno en gelikte pseudo-glamour die je vanaf de eighties over je krijgt uitgestort.

“Toen je als vrouw, bloot op het aanrecht, nog vrolijk naar de camera zwaaide” verder lezen

Een leven lang geluksvogel (2)

Uit het privé-album van een onbekende liefhebber, waaruit een Duitse handelaar in antiquiteiten eerder al een aantal afzonderlijke foto’s ter veiling aanbood. Ik schreef over dezelfde blootfotograaf en zijn muze ook hier al. Ik durf de bewering wel aan dat we op het kiekje hierboven weer naar dezelfde vrouw kijken als die op de andere foto’s in beide posts. Mogelijk dat de man die hier werd vereeuwigd ook de heer des huizes, c.q. de maker van de foto zelf is. In dat geval was de zelfontspanner net wat sneller dan meneer ook zijn linkerarm op de borsten van mevrouw kon leggen.

Dat zij over een lange periode van haar leven graag – en altijd pikant- voor de camera van haar man wilde poseren, is knap bijzonder. De vrouwen die ik privé of voor mijn werk fotografeer, zijn er – met kleren aan – tenminste steevast als de dood voor dat ze ‘te oud’, ‘te dik’ of anderszins te onaantrekkelijk in beeld worden gebracht. Het zou niet per se aan mijn eigen fotografische kwaliteiten hoeven te liggen – in een mooi verhaal over de beroemde, negentiende-eeuwse Parijse fotograaf Nadar las ik dat de ‘rijpere vrouw’ ook in zijn portretstudio al tot de moeilijkste van alle klanten kon worden gerekend.

“Een leven lang geluksvogel (2)” verder lezen

Sehnsucht

‘Wenn Du Sehnsucht hast nach mir, dreh’es um ich bin bei Dir! Herzlichst Patrizia!’

Tekstje op de achterzijde van een foto. Vermoedelijk niet gericht aan een Duitse soldaat die in de jaren veertig naar het front moest, want mij lijken het kapsel en de lingerie van Patrizia van een later modebeeld, maar ik heb er hier met mijn kennis van coiffures en ondergoed door de eeuwen heen al wel eens vaker naast gezeten.

Feit is dat het zeker in de oorlog de gewoonte was om een privé-aandenken als dit in je ransel te hebben. In Old Fields | Photography, Glamour and Fantasy Landscape (University of Viriginia Press, 2014) schrijft Harvard-professor John R. Stilgoe dat foto’s van dit type in groten getale met de G.I.’s mee WOII in gingen, en dat hun achterblijvende verloofdes en vrouwen er dikwijls zelf voor achter de naaimachine kropen. Velen van hen ontwierpen speciaal voor de gelegenheid zo’n gewaagd setje, omdat ze het nergens nog konden kopen of dat voor hun directe omgeving niet wilden weten.

Mijn moeder gaf een portretje van zichzelf mee toen mijn vader, indertijd nog haar verkering, tijdens de Politionele Acties als hospik naar Indië werd uitgezonden. Ze had op die foto wel gewoon haar kleren aan gehouden en in háár briefje op de ommezijde werd ook niet gesuggereerd dat hij het er maar bij moest pakken op momenten dat het hunkeren hem te veel werd. Dat ie voor haar een jaar of wat ‘braaf’ moest blijven, was als boodschap klaarblijkelijk indringend genoeg.

“Sehnsucht” verder lezen

Een leven lang geluksvogel


Foto’s van huisvaders die bij een alledaagse dan wel bijzondere gelegenheid de zegen van hun sexy echtgenote kregen om een of meer filmrolletjes van haar vol te schieten, zijn op veilingen en beurzen nog wel te vinden. Over dit type serial shooters schreef ik hier al eerder. Er bestaat nog een overtreffende trap voor de geluksvogels onder de blootfotografen: als ze hun vrouw een heel huwelijksleven lang in deze hobby mee krijgen. Heel sporadisch komen er oude albums op de markt waarin je getuige bent van zo’n breed uitgemeten, gedeelde liefhebberij, maar zo’n stukje erfgoed heb ik al eens voor ruim 30duizend dollar afgehamerd gezien. Net iets te veel voor mijn budget.

Dit is een reeksje dat ook uit zo’n album afkomstig is. Dat begreep ik althans van de eigenaar van de Zuid-Duitse antiquiteitenwinkel van wie ik ze kocht. Handelaar en maker waren helaas niet dezelfden, hoewel het de enige foto’s waren die hij tussen zijn bric-à-brac in de aanbieding had. Ik had in dat geval graag eens met de ongetwijfeld hoogbejaarde meneer en zijn vrouw gesproken over hoe dat op foto-hoogtijdagen nou voor hem en haar werkte. Vast staat dat zij op dergelijke momenten altijd wel in een frivole stemming was. Er kon best veel in dat huishouden – zie bijvoorbeeld haar act met de strandbal en de hoepel hierboven en het experimentje met de schemerlampen hieronder.

“Een leven lang geluksvogel” verder lezen